Medewerker met burn-outklachten: wat kunt u doen vóór het verzuim begint?

Gepubliceerd op 25 augustus 2026 om 21:33

EIemand in uw team levert nog steeds goed werk af, maar het gaat steeds meer moeite kosten.

Vergaderingen hakken erin. De concentratie neemt af. Een medewerker werkt 's avonds nog even door om alles af te krijgen. En thuis blijft er steeds minder energie over.

Dat laatste is misschien wel een van de belangrijkste signalen.

Want bij burn-outklachten gaat het niet alleen over hoe iemand functioneert op het werk. Het gaat over het totaalplaatje.

Iemand kan op het werk nog prima functioneren, maar iedere avond uitgeput thuiskomen. Of thuis nog nauwelijks ruimte hebben voor een partner, kinderen, sport of sociale contacten.

Een enkele zware dag is natuurlijk niet direct een probleem. Het leven bestaat nu eenmaal uit
drukke en rustige dagen. Maar als iemand structureel moet inleveren op andere gebieden om het werk vol te houden, ontstaat er een disbalans.

En juist daar begint voor mij het gesprek.

Het gaat niet alleen om werken

Wanneer iemand met burn-outklachten bij mij komt, is het niet mijn doel om iemand zo snel mogelijk weer volledig aan het werk te krijgen.

Natuurlijk is werk belangrijk. Voor veel mensen geeft werk structuur, voldoening, sociale contacten en betekenis. Maar iemand is meer dan zijn of haar werk.

Daarom kijken we naar het hele leven.

Hoe ziet het fysieke domein eruit? Hoeveel energie kost het dagelijks functioneren? Hoe gaat het sociaal? Hoe is de thuissituatie? Hoeveel ruimte is er voor ontspanning? En hoe verhoudt dat alles zich tot het werk?

Pas wanneer je dat totaalplaatje begrijpt, kun je goed kijken naar wat iemand nodig heeft. Want iemand kan bijvoorbeeld 32 uur werken, maar als daar structureel vier avonden van volledig herstel tegenover staan, is het de vraag of die 32 uur op dat moment werkelijk passend zijn.

Andersom kan iemand tijdelijk minder werken, maar daardoor thuis weer energie krijgen, beter slapen, sporten en sociale contacten onderhouden. Dat kan uiteindelijk juist bijdragen aan een duurzamere terugkeer naar werk.

Het gaat dus niet om werk óf privé.
Het gaat om de balans tussen beide.

Waarom iemand op het werk soms helemaal niet tot rust
komt

Een onderdeel waar we in de behandeling regelmatig naar kijken, is ontspanning tijdens de werkdag.

Dat klinkt misschien eenvoudig. Je hebt pauze, dus je kunt ontspannen.
Maar zo werkt het niet altijd.

Sommige mensen staan vanaf het moment dat ze op hun werk binnenkomen eigenlijk voortdurend “aan”. Ze zijn bezig met presteren, schakelen tussen taken, reageren op collega's, beantwoorden berichten en houden ondertussen allerlei zaken in de gaten.

Dan komt de pauze.
Maar die pauze wordt bijvoorbeeld gezamenlijk doorgebracht, waardoor iemand opnieuw sociaal en cognitief bezig is. Of de pauze duurt maar tien minuten en wordt gebruikt om snel iets te eten en nog een paar berichten te beantwoorden.

Op papier heeft iemand pauze gehad.

Maar het lichaam en het hoofd hebben misschien nauwelijks herstel gehad.

Onderzoek naar werkstress en herstel laat zien dat niet alleen de hoeveelheid werk van belang is, maar ook de mogelijkheid om tijdens en buiten het werk daadwerkelijk te herstellen. Een Gebrek aan herstel kan ervoor zorgen dat belasting zich blijft opstapelen.

Daarom kijken we niet alleen naar hoeveel iemand werkt, maar ook naar de kwaliteit van het herstel gedurende de dag.

De balans tussen werk en de rest van je leven

Bij burn-outklachten kijken we daarom naar meerdere domeinen. Werk is één domein. Maar daarnaast zijn er bijvoorbeeld het fysieke, sociale en persoonlijke domein.

Die domeinen beïnvloeden elkaar.

Een zware werkdag kan betekenen dat je die avond minder kunt doen met je gezin. Dat hoeft helemaal geen probleem te zijn. Er zullen altijd dagen zijn waarop het werk meer vraagt en je thuis wat minder energie hebt.

Maar wanneer dat weken of maanden structureel gebeurt, ontstaat er een andere situatie. Als iemand voortdurend zijn sociale leven, beweging, slaap of gezinsleven moet opofferen om het werk vol te houden, is er sprake van een structurele disbalans. En die disbalans kan uiteindelijk bijdragen aan het ontstaan of in stand houden van burn- outklachten.

Daarom kijken we niet alleen naar de vraag: “Kan iemand weer werken?”
De vraag is ook: “Kan iemand op een gezonde manier werken én daarnaast zijn of haar leven blijven leiden?”

Wat doet een ergotherapeut hierbij?

Als ergotherapeut kijk ik naar hoe iemand functioneert in het dagelijks leven.
We brengen samen in kaart waar de belasting zit en wat iemand nodig heeft om weer meer balans te ervaren.

Dat kan gaan over werk, maar ook over thuis.
We kijken bijvoorbeeld naar:

  • de verdeling van activiteiten over de dag en week
  • de verhouding tussen inspanning en herstel
  • de belasting van verschillende werkzaamheden
  • prikkels en concentratie
  • ontspanning tijdens de werkdag
  • de overgang van werk naar privé
  • slaap, beweging en sociale activiteiten
  • en de manier waarop iemand zijn of haar energie verdeelt.

Van daaruit kunnen we kijken wat er nodig is om de belastbaarheid weer te verbreden.

Niet alleen leren omgaan met wat iemand nu aankan, maar uiteindelijk ook weer meer ruimte creëren.

Samen kijken naar werk

Bij werkgerelateerde klachten heeft een ergotherapeut vaak een adviserende rol.

We zijn daarin niet leidend richting de werkgever. We kijken juist samen met de medewerker en, wanneer dat passend is, met de werkgever of bedrijfsarts naar wat haalbaar en verstandig is.

Dat kan bijvoorbeeld via een adviesgesprek, maar ook via een adviesrapport.

In de praktijk schrijf ik regelmatig adviesrapporten voor bedrijfsartsen, werkgevers en werknemers. Daarin kan bijvoorbeeld worden beschreven welke belasting iemand momenteel aankan, welke aanpassingen helpend kunnen zijn en waar bij een opbouw rekening mee gehouden kan worden.

Het uitgangspunt blijft daarbij hetzelfde: wat heeft iemand nodig om gezond en duurzaam te functioneren?

 

 

Uit de praktijk van Vailey

Wat ik belangrijk vind in een traject rondom burn-outklachten, is dat we niet alleen kijken naar hoeveel iemand nog kan werken.

Ik wil vooral begrijpen hoe het hele leven eruitziet. Want iemand kan op het werk nog goed functioneren, maar als daar thuis structureel niets meer van overblijft, is dat voor mij een belangrijk signaal.

Daarom kijken we samen naar werk, thuis, sociale contacten, beweging en ontspanning. Niet om alles perfect in balans te krijgen, maar om te zorgen dat iemand niet structureel het ene domein moet opofferen om het andere vol te houden.

Daar zit voor mij de basis van duurzaam functioneren.

Veelgestelde Vragen

Moet een medewerker eerst ziekgemeld zijn?

Nee. Ergotherapie kan ook worden ingezet wanneer iemand nog werkt maar merkt dat de balans steeds verder onder druk komt te staan.

Juist in die fase kan het waardevol zijn om samen te onderzoeken wat er nodig is.

Wie betaalt ergotherapie?

Ergotherapie wordt vanuit de basisverzekering vergoed tot maximaal 10uur per kalenderjaar.

Hiervoor geldt het eigen risico. Een verwijzing is niet nodig.

Kan ergotherapie ook online?

Ja. Naast huisbezoeken in Nijmegen en omgeving werk ik volledig online door heel Nederland.

Loopt u hier als werkgever of medewerker tegenaan?

U hoeft niet te wachten tot iemand volledig uitvalt.

Laat uw naam en nummer achter, dan bel ik u persoonlijk terug om rustig te bespreken wat er nodig is.

Geen verwijzing nodig en snel terecht.